(Actueel Nieuws HRM, januari 2006)

Tekstbureau Sijtze Reurich

Disclaimer

RSI: ZOWEL WERKGEVER ALS WERKNEMER HEEFT WAT TE BEWIJZEN


Ondanks de grote publiciteit die RSI de afgelopen jaren heeft gehad, kwam de eerste uitspraak van de Hoge Raad pas halverwege 2005.

Bij RSI denkt iedereen aan computers, maar de primeur ging naar een elektromonteur die draden wikkelde. Hij stelde zijn werkgever verantwoordelijk voor de permanente pijn die hij had.
De Hoge Raad wilde twee dingen weten. In de eerste plaats: kan langdurig wikkelen van draden inderdaad leiden tot RSI? Het is aan de werknemer om dat te bewijzen. En in de tweede plaats: als dat zo is, heeft de werkgever dan wel voldoende gedaan om RSI-klachten bij de werknemer te voorkomen? Nu ligt de bewijslast bij de werkgever.

In dit geval kwam de Hoge Raad aan de tweede vraag niet toe. De zaak werd terugverwezen naar een lagere rechtbank om uit te zoeken of de klachten inderdaad door het werk veroorzaakt konden zijn.

Als de werknemer het verband tussen zijn RSI-klachten en zijn werk wél aannemelijk kan maken, ligt de bal dus bij de werkgever. Die moet bewijzen dat hij gezorgd heeft voor een veilige werkomgeving. Hij moet bijvoorbeeld aantonen dat hij voorlichting geeft over RSI, toezicht houdt op het computergebruik en waarschuwt als iemand te lang achter de computer zit.
Lukt dat aantonen niet, dan is zijn laatste strohalm nog ‘opzet of bewuste roekeloosheid’ aan de zijde van de werknemer. Maar hoe bewijs je dat iemand roekeloos is achter een computer?


Bron: Hoge Raad, 20 mei 2005, Nr. C04/084HR

♦ ♦ ♦ ♦ ♦ ♦